|
|
|
De boerenhofstede Roosendaal voor 1937
|
|
|
Hoe oud boerderij
Roosendaal (Calveen) is, is niet bekend. Op de kaart van de polders der
Eemlandtsche Leege Landen uit 1666 komt de aan Roosendaal (Calveen)
grenzende boerderij De Hoogesteeg voor (perceel UT 78 in de polder Boven
Duyst). Daaruit kan de conclusie worden getrokken, dat Roosendaal (Calveen)
ook al in de 17e eeuw bestond. Roosendaal (Calveen) bestond, zoals uit
kaartmateriaal blijkt, uit een Herenhuis omringd met een gracht ten noorden
van de Calveenseweg en een boerderij ten zuiden van de Calveenseweg. Wanneer
het Herenhuis is afgebroken is (nog) niet bekend.
Jan Bot verklaart 5
januari 1731 ten overstaan van notaris A.van Veersen, dat zijn zwager Samuel
Patbrugge de hofstede Calveen uit de boedel van zijn overleden moeder heeft
gekregen en betaald en dat Samuel ook de kledingstukken en sieraden van zijn
schoonmoeder heeft betaald.
Bij akte van 18
februari 1731, opgemaakt door notaris A.van Veersen, verpacht Samuel
Patbrugge de boerderij op Calveen aan Geurt Willemse voor een pachtpijs van
f 185,00 per jaar. De boerderij was tot dan toe in gebruik bij de weduwe
Peter Jansen. In het huurcontract wordt vermeld, dat het Herenhuis (ten
noorden van de Calveenseweg gelegen) met de bijbehorende boomgaarden buiten
de verhuur blijven.
Verder wordt nog
vermeld, dat de verhuurder het recht aan zich houdt om de steeg vanaf de
boerderij tot aan de Heijsteeg (= Zwarte steeg, later Reiniersteeg) te
verbreden zonder dat de huurder aanspraken kan doen gelden uit verlies van
grond.
In 1735 is Arnold van
Roosendaal uit Nijkerk eigenaar van Calveen. Niet duidelijk is, of hij op
het Herenhuis heeft gewoond of op de boerderij. Arnold van Roosendaal was in
1718 in Nijkerk voor de eerste keer getrouwd met Weijmke Ramshorst. Aan deze
eigenaar heeft de hofstede Calveen de naam "Roosendaal" te danken.
Amoldus Franciscus van
Roosendaal is van 25 december 1736 tot 28 oktober 1741 kerk
meester van de RK Kerk
van Hoogland geweest. Deze Herenboer, in brieven van pastoor Ram van
Schalkwijk wordt hij steeds Heer van Roosendaal genoemd, is aanvankelijk
vriend en raadsman van pastoor H.J. Ram van Schalkwijk. Zodra Arnold van
Roosendaal kerkmeester is, raakt de vriendschap snel over en komen er
heftige meningsverschillen tussen hem en de pastoor voor in de plaats. De
pastoor wilde de door de parochianen opgebrachte geldmiddelen gebruiken om
zijn bouwvallige kerk en pastorie op te knappen, terwijl de meerderheid van
het kerkbestuur onder aanvoering van Arnold van Roosendaal er een gouden
ciborie (= kelk) voor de kerkdiensten wilde aanschaffen. Nadat het
kerkbestuur buiten de pastoor om de ciborie had laten maken, barstte de bom
en trad Arnold van Roosendaal af als kerkmeester. Arnold van Roosendaal is
ook nog Schepen van Hoogland en Emic1aer geweest.
Op 14 juli 1761 is Calveen (Roosendaal) nog eigendom van de weduwe
Roosendaal, de tweede vrouw van Amold van Roosendaal.
Abraham van Bemmel
(geboren 1703) koopt de boerderij Roosendaal (waarschijnlijk) in 1762. Hij
is notaris te Amersfoort en op 11 februari 176') door Wittert van Hoogland
aangesteld tot secretaris van de gerechten Hoogland en Emic1aer.
In 1770 is Bart
Lambertse Post, gehuwd met Jacoba Jans Vonk, pachter van de boerderij
Roosendaal. Hun dochter Cornelia Barten Post (geboren ca 1735) is op 25
november 1760 getrouwd met Hessel Cornelisse van Valkenhoef, boer op
boerderij Valkenhoef. Het is voor Hessel Comelisse zijn 3e huwelijk.
Cornelia was hulp in de huishouding bij Hessel sinds het overlijden van zijn
2e vrouw Evertje Jans.
Bij het overlijden van Abraham van Bemmei in 1785 erft zijn zoon Gerard
van BemmeI het erf genaamd Calveen (=Roosendaal). Hij is sedert 1766 eerste
klerk ter secretarie van de stad Amersfoort.
Op 13 september 1799
verkoopt Gerrit van Bemmei ten overstaan van notaris Suijch voor een bedrag
van f 6.500,00 aan Theunis Hendrikse Kuijer, gehuwd met Gijsbertje
Bastiaansen van de Heijde, erf en goed Calveen, bestaande uit boerenwoning,
bergen, schuren en verder opstal, groot 25 morgen en gelegen van de
Heijsteeg tot aan de boerderij De Hoogesteeg. Ten oosten ligt de boerderij
van de kinderen van Hannes Kok (= boerderij Ooster of Klein Cal veen) en ten
westen ligt de boerderij van Hendrik Jansen van de Wolfshaar (deze boerderij
die ook wel(Klein) Calveen werd genoemd heeft Reinier van Valkenhoefin 1942
voor zijn oudste zoon Henk van Valkenhoef gekocht van Jan Brouwer uit Baarn,
die op zijn beurt deze boerderij op een veiling heeft gekocht van Rijk of
Riek van den Berg [ 9 mei 1916J gehuwd met Alijda van Valkengoed; Rijk van
den Berg was boerenknecht bij de Alijda van Valkengoed en niet katholiek; om
met Alijda van Valkengoed te kunnen trouwen is hij katholiek geworden;
Alijda van Valkengoed is voordien gehuwd geweest met Reinier van Eijden, een
neef van Reinier van Valkenhoef).
Het erf Cal veen (=
Roosendaal) is leemoerig aan Huize Emiclaer en is belast met een jaarlijkse
uitkering van f 12,00 om koren te kopen voor de RK Armen van Hoogland. Het
haardstedegeld bestaat op drie schoorstenen.
Theunis Hendrik Kuijer
verkoopt op 6 januari 1829 ten overstaan van notaris Ludovius Hondius de
boerderij aal zijn schoonzoon Comelis Hooft, gehuwd met Dirkje Kuijer. Op
een (kadaster)kaart van 1830 is Comelis Hooft. bouwman, als eigenaar
aangegeven.
Dirkje Kuijer, weduwe
van Comelis Hooft, en haar kinderen verkopen op 20 februari 1872 de
boerenhofstede Cal veen genaamd, gelegen in de gemeente Hoogland, strekkende
van de Heijsteeg totaan de boerderij De Hoogesteeg, belendende oostwaarts
aan de eigendom van Pieter Hilhorst (= Ooster of Klein Cal veen) en
westwaarts aan de eigendom van Jan van de Wolfshaar, zuidwaarts aan de
Heijsteeg en noordwaarts aan de eigendom van Jan Voskuilen (= De Hoogesteeg),
bestaande uit een boerenwoning met bakhuis, twee schuren, twee hooi- en
koombergen en verder getimmerte, benevens erf, tuin, hooi- en weilanden,
bouwlanden en bouwgronden, tuinderij, kadastraal bekend sectie B m 115 tot
en met 123, 123a, 124 tot en met 132, 134 en 135, ter grootte van 20 bunder,
87 roeden en 90 ellen (= 20.12.66 ha), aan Aalbert van den Tweel uit Nijkerk
( geboren 8 juni 1822 en gehuwd met de 17 januari 1824 in Hoogland geboren
Antje Voskuilen) voor een koopsom van f 18.000,00. De boerderij is belast
met de erfdienstbaarheid van een voetpad tot aan de RK Kerk er met een
uitgave van f 12,00 per jaar ten behoeve van de RK Armen van Hoogland.
Aalbert van den Tweel is steeds weigerachtig geweest ten aanzien van de
betaling van deze f 12,00 aan de RK Armen van Hoogland. Aalbert van denTweel
is een van de 133 boeren die tussen 5 mei en 28 juni 1881 bouwmaterialen
hebben gereden voor de bouw van een nieuwe katholieke kerk op Langenoord. De
bouwmaterialen werden gehaald van het station aan het Smallepad, van de
Schans of van de gemeentesteiger aan de Eem op Coelhorst.
Aalbert van den Tweel
verkoopt boerderij Roosendaal aan Antonie ter Plaat, wonende te Hoogland F
22 (14 april 1842 geboren in Leusden en gehuwd met Maria van de Wolfshaar,
geboren in 1832); het perceel B 135, groot ongeveer 3 ha en sindsdien bekend
als Aalbertshoek, heeft hij daarbij niet verkocht. Op dat perceel heeft hij
voor zichzelf een woning gebouwd, toen plaatselijk bekend als Heijsteeg B 7
(= thans Bakboord 41 in Amersfoort); hij heeft daar tot zijn overlijden op
11 oktober 1914 gewoond.
Bij het overlijden van Antonie
ter Plaat op 3 april 1910 gaat boerderij Roosendaal over op zijn ongehuwde
dochter Aleida ter Plaat (* 17.9.1877). Na de verkoop in 1915 verhuist
Aaltje ter Plaat naar het adres Hoogland D 8 (= thans Kerklaan 2 in
Hoogland).
Reinier van Valkenhoef
koopt ten overstaan van notaris Knoppers te Amersfoort op 10 december 1915
de hofstede Roosendaal van Aleida ter Plaat voor een koopsom van f
18.300,00, waarvan f 3.300,00 werd aanbetaald en voor de resterende f
15.000,00 werd hypotheek gevestigd. De boerenhofstede bestond uit: een
landbouwerswoning, erf, schuren, tuin, bouwland, weiland, water, weg en een
stukje bos, met een totale oppervlakte van 17.15.40 ha, kadastraal bekend
Hoogland B 115 tot en met 123, 123a, 124 tot en met 132 en 134. Plaatselijk
was de hofstede Roosendaal bekend als Hoogland B 15. Perceel B 122 wordt
omschreven als water en is op kaarten duidelijk herkenbaar als de gracht om
het voormalige Herenhuis.
Op 29 december 1915
reeds verhuist Reinier van Valkenhoef met zijn vrouw Trui van Valkengoed en
zijn kinderen Henk, Mie en Bep van de boerderij De Nieuwe Kruiskamp naar de
hofstede Roosendaal.In 1937 heeft Reinier van Valkenhoef de boerderij
Roosendaal afgebroken en heeft hij door zijn schoonzoon Dorus Smink voor f
6.000,00 een nieuwe boerderij laten bouwen. De deel was ingericht voor 28
melkkoeien en er was een paardenstal voor 3 paarden.
In 1935 verkoopt
Reinier van Valkenhoef ongeveer 1.03.80 ha aan Rijkswaterstaat voor de
aanleg van de Rijksweg Al. Omdat de aan te leggen rijksweg boerderij
Roosendaal zou gaan doorsnijden, heeft hij bij de verkoop bedongen, dat het
perceel B 1653 te allen tijde met landbouwvoertuigen bereikbaar zou blijven
van en naar de boerderij. Na aanvankelijk verzet van Rijkswaterstaat om die
bepaling in de verkoopakte na te komen, i bij de verbreding van de Al in
1971/1972 op grond van dat beding uit 1935 onder de Al de Reinierstunnel
aangelegd.
In 1942 heeft Reinier van Valkenhoef het perceel B 1653, groot 5.18.00
ha, verkocht aan zijn oudste zoon Henk van Valkenhoef (20 mei 1943 gehuwd
met Maria Jacoba v.d.Grootevheen).
Reinier van Valkenhoef
heeft de hofstede Roosendaal ten overstaan van notaris G.P.A.L.te Leuken te
Amersfoort op 11 april 1947 verkocht aan zijn zoon Reijer van Valkenhoef (28
april 1949 gehuwd met Heintje Hilhorst) voor een prijs van f 31.500,00. De
hofstede bestond uit een huis met achterhuis, schuren, wagenloods, twee
vijfroedenbergen, erf, verdere getimmerten, tuin, wei- en bouwland, hakhout
en weg, kadastraal bekend Hoogland B 115 tot en met 123, 123a, 124, 134 en
1652, met een oppervlakte van 10.93.60 ha.
Reijer van Valkenhoef heeft in 1977 7.50.00 ha van de boerderij
Roosendaal, gelegen ten noorden van de Calveenseweg, verkocht aan Antoon van
't Klooster, boer op boerderij Ooster Calveen.
In 1988 heeft Reijer
van Valkenhoef de boerderij Roosendaal met 0.36.00 ha grond (toen
plaatselijk bekend Calveenseweg 12 te Hoogland) verkocht aan zijn zoon
Reinier W.van Valkenhoef( gehuwd met Iet je Groenestein); de resterende
grond ter grootte van 2.40.00 ha heeft Reinier van Valkenhoef tot 1994 van
zijn vader gepacht. In 1994 heeft Reinier van Valkenhoef ook de gepachte
grond van zijn vader gekocht.
Op 29 december 2000
heeft Reinier van Valkenhoef de boerderij Roosendaal, groot ongeveer 2.76.00
ha, verkocht aan W.J.Smink, Coelhorsterweg 11 te Hoogland in het kader van
de realisatie van het plan Vathorst va de gemeente Amersfoort.
De hofstede Roosendaal is precies 85 jaar familiebezit van van
Valkenhoef geweest.